Castellers, correfoc en gegants

Castellers — de menselijke torens
Onderin de pinya: de dichte massa mensen die het gewicht draagt. Daarboven steeds smallere verdiepingen. Bovenop de enxaneta, een kind van een jaar of zeven, dat de hand opsteekt zodra het boven is — pas dan telt de toren. En hij is geslaagd als hij ook weer heel naar beneden komt. De colla van hier zijn de Capgrossos de Mataró.
Iedereen mag in de pinya gaan staan, ook jij. Vraag het gewoon aan iemand met hetzelfde shirt.
Correfoc — de vuurloop
Duivels met vuurwerk aan hoornvorken, dansend door de straat op trommels. Je mag ertussen lopen; dat is de bedoeling, en het is op eigen risico. Kleed je erop: katoen met lange mouwen, een pet of doek over je haar, dichte schoenen. Geen synthetische stof, die smelt. En kijk niet omhoog met je mond open.
Gegants en capgrossos
Reuzen van vier meter, gedragen door één iemand die eronder loopt en ermee danst, met dikkoppen eromheen die kinderen achternazitten. Elk dorp heeft zijn eigen paar, met namen en een geschiedenis waar men serieus over doet.
Sardana
De kringdans, meestal op zondag na de mis, op muziek van een cobla — een blaasorkest met de tenora erbovenuit. De tassen gaan in het midden van de kring. Meedoen mag, maar het tellen van de passen luistert nauw. Kijk eerst een ronde mee.
Ball de bastons, diables, bestiari
Stokkendans, duivels, en de vuurspuwende draak of muildier van het dorp. Ze horen bij het seguici, de stoet die op de eerste dag van een festa major langskomt en waarin alle figuren van het dorp achter elkaar lopen.